Kopen en verkopen
Vastgoedprijzen
Financiele aspecten

Een eigen woning als belegging: wat voor belegger ben jij?

Spaarboekjes brengen niks meer op. Het is haast met een gelukje dat banken geen negatieve rente mogen opleggen, althans niet voor de gereglementeerde spaarboekjes, want anders zou het er nog dramatischer uitzien. Door de lage spaarrente kijken steeds meer Belgen uit naar andere beleggingsopportuniteiten, zoals vastgoed. Dat kan een goed idee zijn, maar je moet je eerst even afvragen wat voor belegger je bent.

De spaarder vs. de investeerder

Van spaarboekjes ben je zeker dat ze vrijwel niks opbrengen. Als je ook nog eens rekening houdt met inflatie maak je eigenlijk zelfs verlies. Het kleine beetje zekerheid hebben ze wel als voordeel. Bovendien gaat het om geld waar je meteen over kan beschikken.

Als je echt op zoek bent naar die zekerheid dan is er met een spaarboekje niks mis. Meer zelfs: beleggen doe je alleen met geld dat je kan missen en zelfs een belegger moet eerst een spaarboekje als veilige buffer aanleggen. Een spaarbuffer van zes maandlonen is een goed idee.

De doe-het-zelverbelegger vs. de uitbesteder

Het kan dat je graag zelf de touwtjes in handen houdt en alles liever zelf opvolgt. Je vormt een beleggingsportefeuille en maakt beslissingen op basis van je eigen inzichten. Je hoeft dan ook het salaris van een fondsenbeheerder niet te betalen. Dat kan een goed idee zijn, als je donders goed weet waarmee je bezig bent. Besteed je het liever uit? Dan kan je kiezen voor een beleggingsfonds. Je koopt je dan in bij zo'n fonds, waarbij een fondsenbeheerder alle aankoop- en verkoopbeslissingen maakt voor iedereen die investeert. Dit wil niet zeggen dat hij automatisch de juiste beleggingsstrategie voor jou toepast. Daarom kan je eventueel terecht bij een vermogensbeheerder. Vaak moet je dan toch al 100.000 euro of meer willen investeren.

Defensief of offensief beleggen

Een goede belegger zet natuurlijk niet alles in op één paard, maar kiest voor een diverse portefeuille met een deel aandelen, een deel obligaties, een deel grondstoffen enzovoort. Hoe de verhoudingen zitten en welke risico's je daarbij neemt, is afhankelijk van het beleggersprofiel.

Een defensieve belegger neemt beperkte risico's en zet voor meer dan 50% in op obligaties. Zijn maximaal te verwachten verlies is beperkt, maar hetzelfde geldt ook voor zijn winst.

Bij een neutrale belegger helt het grootste deel over naar de aandelen, gecompenseerd door een flink pakket met obligaties. 50% aandelen, 43% obligaties en 7% andere beleggingen is een voorbeeld van een neutrale samenstelling. Iets meer winstpotentieel, maar ook iets meer risico's.

Bij een offensieve belegger wordt de portie aandelen tot 65% of meer opgetrokken en daar zijn de obligaties het slachtoffer van. Offensieve beleggers kunnen soms tientallen procenten winst maken per jaar, maar kunnen ook flinke verliezen incasseren.

Lange- of kortetermijnbelegger

Een belegger kan op lange of op korte termijn investeren en dat is toch een wereld van verschil. Het houdt ook nauw verband met de gekozen beleggingsstrategie. Een defensieve strategie wordt vaak toegepast door bijvoorbeeld een kortetermijnbelegger die de pensionering nadert en nu geen risico's meer wil nemen. Wie op de middellange termijn denkt, zal dan weer zijn heil vinden in een neutrale beleggingsstrategie. Een offensieve strategie is interessant voor wie op heel lange termijn denkt. Dan kunnen opgelopen verliezen goed worden gecompenseerd.

Daarnaast is er nog het beleggen op erg korte termijnen, soms zelfs op enkele minuten of uren. Dit wordt ook wel eens speculeren genoemd. Het rendement kan hierbij heel hoog zijn, maar het verlies eveneens.

Vastgoed als belegging

De Belg heeft een baksteen in zijn maag en zijn belangrijkste investering is meestal zijn huis. Dat klopt ook wel: het is een investering voor later, er hoeft dan geen huur te worden betaald, en natuurlijk hoopt men op een verkoop met meerwaarde. Zeker nu niet alleen de spaarrente maar ook de hypotheekrente laag staat, is investeren in vastgoed een goed idee.

Het is wel belangrijk om te weten waar een eigen huis zich in het investeringsspectrum bevindt. Zo weet je of het bij je past. Het gaat in de eerste plaats om investeren omdat het niet snel te gelde kan worden gemaakt. Vastgoed mag dan ook nooit tot de spaarbuffer worden gerekend. En voor de meeste mensen is het, zelfs letterlijk, een voorbeeld van een doe-het-zelfbelegging. Binnen de huidige woningmarkt gaat het verder vooral om een langetermijnbelegging.

Vastgoed heeft zowel in een defensieve als neutrale en offensieve strategie een plaats. Veel is afhankelijk van de risico's die daarbij worden genomen. Bij een eigen woning is dat beperkt en is er op zijn minst al de terugverdientijd dankzij het ontlopen van huurgelden. Dat geeft toch veel veiligheid en zekerheid. Wie investeert in parkeerplaatsen of commercieel vastgoed neemt grotere risico's.

Mis de laatste bouwnieuwtjes niet!

Ontvang onze wekelijkse updates vol nuttige tips over bouwen en verbouwen.