De verzoeningscommissie in de praktijk

Gewijzigd op 9/07/2013 door Gretel Kerkhofs

Sinds enkele jaren is er naast het Gerecht nu ook de Verzoeningscommissie Bouw om – in technische bouwgeschillen - een verzoeningspoging te ondernemen. Om het werk van deze commissie in de kijker te zetten, bespreekt Habitos regelmatig een concreet geval van de Verzoeningscommissie Bouw.

Ontdek deze bouwbedrijven

Zinken dak
www.vmzinc.be
© VMZinc - Umicore
Referentiewoning Arkana
© Arkana

De context

De opdrachtgever trekt zo’n 1.400 euro af van de saldofactuur. Hij voert verscheidene opmerkingen van het proces-verbaal van voorlopige oplevering aan die zonder gevolg zijn gebleven. Het gaat in essentie om oneffenheden van de binnenbepleistering, scheuren in het plafond, een scheve muur, een insijpeling in de muur tussen living en badkamer en het storend geluid van de waterpomp in de garage. De opdrachtgever eist ook de in de overeenkomst voorgeschreven schadevergoeding wegens vertraging.


Het proces-verbaal van verzoening

De deskundige aanvaardt 9 van de 10 aangevoerde posten en stelt voor:
- voor 7 posten, een financiële vergoeding wegens minderwaarde;
- voor een post (het lawaai van de waterpomp), een vergoeding in natura (vervanging van de afvoerbuis en bevestiging door middel van akoestische beugels);
- voor de laatste post (de verwijlinteresten), een berekening gebaseerd op 90 dagen vertraging, zijnde 30 dagen meer dan wat de aannemer zelf had voorgesteld aan de opdrachtgever vóór de procedure bij de Commissie.
De deskundige weigert een van de posten (afwezigheid van een bezoekkamer) omdat die nooit deel heeft uitgemaakt van de aannemingsovereenkomst, en leidt uit zijn raming van de voormelde 9 posten het bedrag af van het aan de aannemer nog verschuldigde saldo.


Commentaar

Het concreet geval illustreert:

  • de soepelheid van de formule: de deskundige-verzoener is niet gebonden door het rechtsprincipe van het herstellen in natura en kan steeds een schadeloosstelling per equivalent voorstellen in de vorm van een financiële vergoeding. Daarentegen kan een rechtbank de schadevergoeding per equivalent niet bevelen – noch kan het slachtoffer van de schade deze vergoeding eisen – wanneer de herstelling in natura mogelijk is. De herstelling per equivalent interesseert de aannemer omdat de uitvoering van andere bouwplaatsen dan niet wordt vertraagd door de verplichting om herstellingswerken uit te voeren binnen een vaak zeer korte termijn; de opdrachtgever beslist zelf om effectief de volledige of slechts een deel van de herstelling uit te (laten) voeren.
  • de snelheid: het akkoord van de partijen over het voorstel van de deskundige werd gegeven tijdens het eerste plaatsbezoek; het dossier kon dus worden afgesloten nauwelijks 3 maanden nadat het bij de Commissie werd ingediend.
     
  • het mechanisme zelf van de verzoening, gebaseerd op wederzijdse toegevingen van de partijen en het gemeenschappelijk belang van een snelle regeling: door de 9 voormelde posten en in het bijzonder een groter aantal dagen vertraging te aanvaarden, heeft de aannemer verkregen dat volledig rekening werd gehouden met het saldo van zijn factuur en werd een post verworpen.

Meer info over de Verzoeningscommissie Bouw

Bron: Bouwbedrijf

Folders over nadenken over bouwen

Meer informatie op de website van deze bedrijven