Wat is duurzaam bouwen

'Kijk, ze zijn mijn was aan het opplooien'

In Clabecq krijgt het eerste Belgische cohousing project vorm. In de hoeve La Grande Cense zullen binnenkort namelijk meer dan twintig gezinnen samenwonen. De jongste bewoner is twee, de oudste 83. 'Een sekte of commune is dit echt niet', zeggen de initiatiefnemers.


Een idyllisch poortje in Clabecq - een deelgemeente van het Waals-Brabantse Tubize - geeft toegang tot een grote vierkantshoeve, La Grande Cense. In de schuur en de stallen zul je geen beestenboel vinden, maar een groep enthousiaste gezinnen die hier een gezamenlijk engagement zijn aangegaan: samenwonen volgens de principes van cohousing.

Concreet heeft elk van de 22 gezinnen - goed voor 52 mensen - een eigen woonunit. Die varieert van een appartement, duplex of studio tot een huisje. De woonunits zijn volledig uitgerust met keuken en sanitair, maar zijn redelijk klein. Dat wordt ruimschoots gecompenseerd door de 500 vierkante meter gemeenschappelijke ruimte, die bestaat uit een keuken en eetplek, een zithoek, berging en wasruimte.

 

Gemeenschappelijke delen

Voor de financiële voordelen hoef je het niet te doen: de koopprijs verschilt amper van die van een normale woonst. De motivatie om de gemeenschappelijke delen te gebruiken is groot, er wordt tenslotte voor betaald.
Na tien jaar plannen zal het eerste echte cohousingproject in ons land in oktober volledig bewoond zijn. Nu wonen er al zeven gezinnen. Andere zitten nog volop in de bouwfase.

 

Voordelen van cohousing

'Kijk', lacht bewoonster Saskia, 'ziedaar één van de voordelen van cohousing: ze zijn mijn was aan het opplooien'. In een hoekje van de tuin staat een groepje mannen was van de draad te halen. 'F*ck cohousing!', lacht medebewoner Serge. De sfeer zit er hier duidelijk al goed in.
Ook Myriam, de vrouw van Serge, merkt dat het 'samen wonen' stelselmatig op gang begint te komen. 'We proberen al twee keer per week samen te eten en ook het spontane contact is er.' Toekomstig bewoner Patrick: 'Een tuin is pas leuk als er volk in zit, in een gewoon huis is dat misschien één keer per week zo. Wij hopen hier elke dag leuke contacten te hebben.' 'Ik heb onlangs buiten gestreken omdat er een vijftal madammen op het terras zaten te keuvelen, heel gezellig', lacht Saskia.

 

Stamgevoel

Luk is een van de stuwende krachten achter het project. 'Ik ben opgegroeid met één broertje in een appartement en speelde al heel lang met het idee om met meerdere mensen samen te gaan wonen, vanuit een soort stamgevoel. Gemeenschappelijk wonen is zo oud als de tijd. Mijn vrouw Marie was in een familiegroep opgegroeid en verlangde terug naar wat ze al kende.' Na jarenlang zoeken viel hun oog op de hoeve.
Luk en Marie wonen er nog niet, maar Myriam en Serge wel. 'Wij hebben achttien jaar lang heel afgelegen gewoond en we hadden nood aan meer spontaan sociaal contact - niet volgens de agenda', vertelt Myriam. 'We waren echt gewonnen voor het idee en zijn er al in 2001 in meegestapt.' Myriam heeft haar leven volledig omgegooid om in het project te stappen: ze gaf haar baan op en begon in de buurt van Clabecq opnieuw.

 

Sociaal wonen

Alle bewoners gaan resoluut voor een sociale en empathische manier van wonen. De beweegredenen zijn heel divers: een alleenstaande man ziet het niet zitten om alleen oud te worden, een bewust kinderloos koppel heeft toch graag af en toe kinderen om zich heen, een jong stel wil hun kinderen graag in groep zien opgroeien.

 

Zelfselectie

De kandidaat-kopers van een woonunit worden niet geselecteerd, ze doen aan zelfselectie. 'De mensen moeten het concept en de groep leren kennen en daar hun beslissing op baseren', legt Luk uit.
Zo zijn Marion en haar man verhuisd vanuit Duitsland. 'Wij hebben drie kleine kinderen en het leven in de stad kan dan ongelooflijk eenzaam zijn. Het idee elkaar te ondersteunen sprak ons enorm aan: wij kunnen de ouderen helpen waar nodig, en misschien kunnen zij ons af en toe met onze kinderen helpen.'

 

Open communicatie

De groep is heel verscheiden, maar er is volgens Bart, een van de vroegste bewoners, wel een constante te bespeuren: 'De mensen die hier (komen) wonen zijn stuk voor stuk heel open: ze zijn voor communicatie en contact'.

En dat is essentieel, want er zijn wel eens conflicten. Luk is daarover heel openhartig: 'Met mij en Patrick klikt het bijvoorbeeld niet echt, maar we kunnen toch met elkaar omgaan. We kijken naar onze gemeenschappelijke punten en blijven niet steken bij de verschillen'. Myriam beaamt: 'Je kunt onmogelijk met iedereen aansluiting vinden, maar de groep is groot genoeg zodat je niet met iedereen overeen hoeft te komen'. De privéwoningen, vaak met eigen tuintje of terrasje, geven volgens de bewoners bovendien voldoende mogelijkheid om even alleen te zijn.

 

Natuurlijk

Wat regels en rolverdelingen betreft, verloopt alles tot nu toe heel spontaan. Cecilia woont al bijna een jaar in La Grande Cense: 'Ik ondervind dit als een erg natuurlijke manier van samenwonen, al is het niet enkel rozengeur en maneschijn. Ieder gezin brengt bagage mee en we zitten in een bouwwerf, dat is altijd slopend.'
Volgens Luk neemt iedereen spontaan een rol op zich: 'Jan is onze tuinman, Frans de schilder, dat is vanzelf zo gegaan'.
Veel verplichtingen zijn er niet. 'Enkel voor koken en het poetsen van de gemeenschappelijke delen gaan we een schema opstellen. Andere regelingen, zoals die rond het afhalen van kinderen op school, zullen we spontaan laten groeien.'

 

Auteur: Eline Maeyens
Bron: De Standaard Online, dinsdag 29 juni 2010
 

Meer info: Kangoeroewonen - Leer delen (over verschillende vormen van samenwonen)

Mis de laatste bouwnieuwtjes niet!

Ontvang onze wekelijkse updates vol nuttige tips over bouwen en verbouwen.

Wens je deze folder te lezen? Vul dan eenmalig je email adres in