Binnenkijken bij: Wisselwerking tussen oud en nieuw

Gewijzigd op 13/06/2013 door Gretel Kerkhofs

De strakke leefruimte waarin architecten Bernard Declerck en Griet Daels wonen en de meer dan honderd jaar oude gevel waarachter de woning schuilgaat, lijken uit twee verschillende werelden te komen. Die twee werelden heeft het architectenduo echter perfect met elkaar weten te verzoenen. Oud en nieuw voeren een voortdurende wisselwerking in deze rijwoning met verrassend veel ruimtegevoel.
Binnenkijken bij Bernard Declerck
Binnenkijken bij Bernard Declerck
© Bâtidéco
Binnenkijken bij Bernard Declerck
Binnenkijken bij Bernard Declerck
© Bâtidéco
Binnenkijken bij Bernard Declerck
Binnenkijken bij Bernard Declerck
© Bâtidéco
Binnenkijken bij Bernard Declerck
Binnenkijken bij Bernard Declerck
© Bâtidéco
Binnenkijken bij Bernard Declerck
Binnenkijken bij Bernard Declerck
© Bâtidéco
Binnenkijken bij Bernard Declerck
Binnenkijken bij Bernard Declerck
© Bâtidéco

Het is ondertussen al bijna vijftien jaar geleden dat Bernard en Griet in het centrum van Roeselare hun droomwoning vonden. “We waren op slag verliefd”, herinnert Bernard zich nog levendig. “Het was vroeger het ouderlijk huis van mijn vader. Nadien is het altijd in de familie gebleven, maar het werd wel verhuurd als medisch kantoor. Toen we het kochten, verkeerde het in een verouderde staat, maar wij wisten door al die gebreken te kijken en zagen vooral de charme van het rijhuis uit de jaren 1890. We wisten dat we er veel werk aan zouden hebben, maar we voelden ons klaar om de uitdaging stap voor stap aan te gaan.”

Verschillende fases

Stap voor stap ging het inderdaad. Bernard en Griet verdeelden de verbouwing en renovatie over verschillende fases. “In eerste instantie hebben we de woning gewoon bewoonbaar gemaakt met een minimum aan comfort”, aldus Bernard. “Concreet: we hebben de gevel opgefrist, het interieur van een likje verf voorzien en een klein keukentje geïnstalleerd. Vervolgens hebben we de bureelruimte aangepakt, waar zich vroeger kleedkamers bevonden. Daarna was het de beurt aan het woongedeelte. We zijn begonnen met de zolderverdieping, waar we drie kinderkamers, een sanitaire cel en speelruimte ingericht hebben. Na de ramen van de voorgevel vervangen te hebben, was het voorhuis klaar en konden we aan het achterhuis beginnen. Dat verkeerde in een erbarmelijke staat en was bovendien historisch niet interessant. Daarom besloten we een nieuw volume binnen de contouren van het oude volume te creëren.

Oud versus nieuw

Door de vele jaren die over de verschillende stappen gingen, hadden Griet en Bernard voldoende tijd om na te denken over hoe ze alles concreet zouden invullen. Van begin af aan hadden ze echter ook al enkele basisideeën. “Een eerste belangrijk aandachtspunt was het contrast tussen oud en nieuw”, verduidelijkt Bernard. “Het herenhuis was daar met zijn vele oude elementen – zoals de gevel, het plafond en de statige indeling – ondanks het vele werk een dankbaar instrument voor. Het achterste volume contrasteert daarmee op het vlak van vormen, materiaalgebruik en het spel van licht en ruimte. Ondanks dat contrast staan de twee niet los van elkaar, maar is er een constante wisselwerking tussen oud en nieuw. Ze versterken elkaar zelfs. Er is ook altijd visueel contact tussen het oude en het nieuwe gedeelte.”

Verschillende disciplines

“Een tweede belangrijk aandachtspunt was dat er verschillende disciplines in de woning moesten samengaan: architectuur, interieurarchitectuur, stabiliteit, technische installaties, de landschapsomgeving en fotografie”, gaat Bernard verder. “Die moesten op zo’n manier samenvallen dat ze één verhaal vertellen. Er is dan ook geen enkel element zomaar toevallig aanwezig in de woning. We hebben over elk detail grondig nagedacht.”

Emotioneel of rationeel

Nog een belangrijk aandachtspunt was de ruimtelijkheid die gecreëerd moest worden. “Met ruimtelijkheid heb ik het niet alleen over vierkante meters”, benadrukt Bernard. “Het blijft immers een vrij compacte rijwoning. Het is echter wel mogelijk om op ongeveer dezelfde ruimte een veel groter ruimtegevoel te creëren. Dat hebben we gerealiseerd door te spelen met licht, verhoudingen en perspectieven. Soms moesten we hiervoor zelfs emotionele beslissingen nemen in plaats van rationele. Tot slot wilden we ook de kleine details absoluut niet uit het oog verliezen. Ook zij kunnen het verschil maken. Doordat alles met elkaar matcht, hebben we een rustig, opgelijnd geheel kunnen verwezenlijken.”

Groot ruimtegevoel

Het duidelijkste voorbeeld van alle eerder vermelde ideeën is ongetwijfeld de open leefruimte op de gelijkvloerse verdieping. In plaats van die onder te verdelen in aparte ruimtes, is het één rechthoekige ruimte met daarin plaats voor een keuken die bijna volledig in een kastenwand over de hele lengte van de ruimte verborgen zit, een eettafel en een salon. Door de strakke lijnen van de aanwezige elementen, de gepolierde betonvloer en het vele licht dat door de grote ramen naar binnen valt, oogt het geheel bijzonder ruimtelijk. Een heel andere sfeer dus dan in het voorste gedeelte van de woning, maar dat oude is nooit ver weg. “Vanuit de leefruimte kunnen we altijd naar het oude gedeelte kijken en omgekeerd”, aldus Bernard. “Ook de tuin verwijst door de onderverdeling in kamertjes en de oude muren nog naar het verleden. De patio tussen de leefruimte en de kantoorruimte is daar nog zo’n voorbeeld van. Die is op zich wel strak, maar de gebruikte materialen ogen ietwat ouderwets.”

Oog voor detail

Ook op de andere verdiepingen komen gelijkaardige ideeën terug. Op de vide boven de leefruimte bijvoorbeeld, die dienst doet als tv-hoek. “Het is een aparte ruimte die toch in contact staat met de leefruimte”, legt Bernard uit. “De multifunctionele bank illustreert onze aandacht voor detail. Die kan tegelijkertijd als bergruimte en als zitbank gebruikt worden en bovendien sluit ze aan op het raam, waardoor er weer zicht naar buiten mogelijk is en er ook hier veel lichtinval is.” Hoewel de zolderverdieping met de drie kinderkamers, een sanitaire ruimte en een speelruimte volledig het domein van de kinderen is, is ook hier de invloed van het architectenduo duidelijk zichtbaar. “De kamers zijn vrij compact, maar dankzij de ingebouwde kasten en het hoger gelegen slaapgedeelte heerst er ook hier voldoende ruimtegevoel. Ook oud en nieuw weten elkaar hier te vinden, onder meer door het contrast tussen het strakke wit en de houten balken. We hebben onze ideeën dus kunnen doortrekken van beneden tot op de zolderverdieping.”

 

Praktisch

Architect en interieurarchitect: Declerck – Daels Architecten
Bouwjaar: gestart in 1996; achterbouw in 2007-2008
Bouwmethode: massiefbouw op staalskelet
Bewoonbare oppervlakte: 336 m2
Perceelgrootte: 333 m2

Materialen

- oude gevels: bepleisterd met kalkpleister (voorgevel), hervoegd (tuinmuren en achtergevel) of gekaleid
- nieuwe gevels: zwart geschilderde planken in moabihout
- vloeren: oud gedeelte: cementgebonden vloer, cementtegels en afgeschuurde plankenvloer; nieuw gedeelte: gebleekt onderparket, gepolierd beton
- buitenschrijnwerk: hout

Indeling

- gelijkvloers: inkom, kantoor, leefruimte
- 1e verdieping: vide met tv-hoek, ouderlijk slaapgedeelte
- zolderverdieping: 3 kinderkamers, sanitaire cel

Verwarming: condenserende gasketel, vloerverwarming in de leefruimte
Energiebesparingsmaatregelen: woning grondig geïsoleerd waar mogelijk
Budget: 250.000 euro (exclusief aankoop woning).

Bron: Special Bouwen - Tekst: Bert De Pau - Fotografie: Jonah Samyn