Mag ik nu wel of niet isoleren zonder onderdak?

Gewijzigd op 9/06/2015 door Daan Slingers

Als je isoleert, begin dan met het dak. Het dak vormt immers de grootste verliespost. Doorheen een ongeïsoleerd dak gaat tot 2 keer meer warmte verloren dan doorheen ongeïsoleerde buitenmuren. Je dak isoleren levert dan ook al gauw een energiebesparing tot 30% op je energiefactuur op.

Onze isolatiespecialisten

Isoleren
© Isover
Maar als je isoleert, is niet alleen het isolatiemateriaal zelf, maar ook een luchtdichte afwerking via een lucht/dampscherm enerzijds en de kwaliteit van de onderdakfolie van groot belang om optimale resultaten te halen.

Lucht/dampscherm versus onderdak

Een lucht/dampscherm zoals bijvoorbeeld. Vario KM DuplexVario XtraSafe of Difunorm Powergrip wordt aangebracht onder de isolatielaag, dus aan de warme zijde van het dak. Een lucht-/dampscherm moet ervoor zorgen dat de constructie luchtdicht wordt afgesloten. Zo kan er geen vochtige binnenlucht rond of doorheen de isolatie circuleren, en kan de lucht niet van binnen naar buiten of omgekeerd door de constructie gaan. Bovendien zorgt een dampscherm ervoor dat de waterdamp (altijd aanwezig in de woning door koken, baden…) niet condenseert aan de koude kant van het dak. Condensatie zou immers leiden tot schimmel en op termijn zelfs tot houtrot.
Dak
© Isover
Een onderdak wordt aangebracht tussen de isolatie en de dakbedekking, dus aan de koude zijde van het dak. Een onderdak moet bescherming bieden tegen de indringing van vocht, wind en stuifsneeuw en zo voorkomen dat waterinfiltraties de dakstructuur aantasten. Houtrot zou op termijn tot stabiliteitsproblemen kunnen leiden. Het WTCB geeft de voorkeur aan een onderdak dat zeer dampdoorlatend (dampopen) is, zodat de luchtvochtigheid kan ontsnappen. Vocht dat niet kan ontsnappen, leidt tot schimmelvorming. Schimmelvorming heeft een hoog allergiepotentieel en kan een houten dakstructuur ernstig ondermijnen

Kan ik ook zonder onderdak?

Puur bouwfysisch gezien, is een onderdakfolie een absolute vereiste als je isoleert. Zonder onderdak kan de dakstructuur aangetast worden zoals hoger beschreven met eventuele stabiliteits- of gezondheidsproblemen tot gevolg.
Eveneens puur bouwfysisch gezien moet dat onderdak dampdoorlatend zijn zodat vocht uit de dakconstructie kan ontsnappen en schimmelvorming wordt vermeden.

In nieuwbouwsituaties zal dan ook steeds een dampopen onderdak geplaatst worden aan de buitenkant van de houten dakstructuur (onder de pannen), maar in renovatiesituaties word je echter niet steeds met bouwfysisch ideale uitgangssituaties geconfronteerd. Daar doen zich 3 mogelijke scenario’s voor:

Scenario 1: er is een dampopen onderdak aanwezig – in goede staat

In dat geval kan je isolatie tussen de spanten of de kepers aanbrengen, eventueel een bijkomende isolatielaag eronder aanbrengen en vervolgens een dampscherm aanbrengen. Voor een spantendak adviseert Isover het Vario-systeem.
Isoleren
© Isover
Voor een gordingendak adviseert Isover het Supente Integra²-systeem dat een dubbele isolatielaag mogelijk maakt. Dit systeem is ook toepasbaar voor een tweede isolatielaag bij een spantendak.
Isoleren
© Isover
Isoleren
© Isover

Scenario 2: je weet niet zeker of het onderdak dampopen of dampdicht is– het is wel in goede staat

In dat geval kan je ook isolatie tussen de spanten of de kepers aanbrengen, eventueel een bijkomende isolatielaag eronder aanbrengen (bijvoorbeeld met de Suspente Integra2) en vervolgens een dampscherm aanbrengen, maar in dit geval moet je zeker kiezen voor een dampscherm dat niet enkel dampremmend maar ook vochtregulerend is zoals Vario KM duplex of Vario XtraSafe.

Scenario 3: er is geen onderdak aanwezig of het onderdak is niet meer in goede staat

In principe laat je best de dakpannen verwijderen om een goed onderdak te laten aanbrengen alvorens te isoleren. Of je kunt een sarkingdakisolatie aanbrengen die langs de buitenkant op het dakgebinte geplaatst wordt en gecombineerd wordt met een nieuw onderdak.

Omdat dit in beide gevallen een zware investering betekent, voorziet het WTCB in 2 alternatieven: 
  • 3.1. Ofwel kun je alvast isoleren zoals beschreven in scenario 1, maar moet je er wel over waken dat van zodra de dakpannen versleten zijn en vernieuwd dienen te worden, je op dat ogenblik ook meteen een goed en volwaardig onderdak laat plaatsen.
  • 3.2. Ofwel breng je een voorlopig onderdak – een zogenaamd ersatz-onderdak – aan langs de binnenzijde - en ga je verder zoals beschreven in scenario 1.

Bron: Isolatiespecialist - Isover

Folders over isoleren

Meer informatie op de website van deze bedrijven