Nieuwe EPB-eisen voor renovaties vanaf 2015

Gewijzigd op 5/11/2014 door TiM Vanhove

Voor renovaties waarvoor je vanaf 1 januari 2015 een aanvraag tot stedenbouwkundige  vergunning of melding indient, legt de Vlaamse overheid nieuwe EPB-eisen op. De nieuwe eisen gelden zowel voor gewone renovaties als voor ingrijpende energetische renovaties.

Onze energiespecialisten

De Vlaamse overheid maakt vanaf 1 januari 2015 een onderscheid  tussen een ‘ingrijpende energetische renovatie’ en een ‘gewone renovatie’. Een ingrijpende energetische renovatie moet aan een nieuw eisenpakket voldoen en voor een gewone renovatie wordt het bestaande eisenpakket uitgebreid. Bij een gewone renovatie worden vanaf 2015 ook eisen opgelegd aan de technische installaties en voortaan moeten ook na-geïsoleerde constructiedelen aan isolatie-eisen voldoen.
De ingrijpende energetische renovatie is een renovatie waarbij de technische installaties volledig worden vervangen en minstens 75% van de bestaande en nieuwe scheidingsconstructies die grenzen aan de buitenomgeving, worden (na)geïsoleerd. Als niet voldaan is aan deze criteria, spreken we gewoon van een renovatie.
Gevelrenovatie
Werken aan gevelrenovatie.
© Houtmeyers architecten

Ingrijpende energetische renovatie

Bij een ingrijpende energetische renovatie moet het gebouw een E-peil 90 halen na de werkzaamheden. Verder moeten alle ruimten uitgerust zijn met minimale ventilatievoorzieningen, analoog aan nieuwbouw. Voor nieuwe, vernieuwde en nageïsoleerde constructiedelen gelden maximale U-waarden.De berekening van de globale energieprestatie-eis (E-peil) gebeurt volledig analoog aan de berekening bij nieuwbouw. Als bepaalde gegevens van het bestaande gebouw niet gekend zijn, rekent men met waarden bij ontstentenis. Er kan ook worden gerekend met de karakteristieken die ter plaatse worden vastgesteld, bijvoorbeeld aan de hand van destructief onderzoek.

Gewone renovatie

Voor een gewone renovatie zijn er momenteel enkel EPB-eisen op het vlak van de thermische isolatie van nieuwe scheidingsconstructies en ventilatie. Die eisen blijven behouden en worden aangevuld met minimale isolatie-eisen voor daken, muren en vloeren die worden na-geïsoleerd. Bijvoorbeeld een bestaande gevelmuur die wordt nageïsoleerd aan de buitenzijde zal een minimale isolatiewaarde moeten hebben. Voor constructiedelen waar je helemaal niets aan doet, gelden geen isolatie-eisen.
Condenserende verwarmingsketel ecoTEC plus van Vaillant
© Vaillant
Cerapur Solar
Cerapur Solar
© Bosch Climate
Avanta Plus gaswandketel
Avanta Plus
© Remeha
Bodemwater warmtepomp
Bodemwater warmtepomp
© Vaillant
Kinetic - opstelling
Kinetic
© Ventilair

Technische installaties

Op het vlak van installaties komt er een afzonderlijke eis bij, voor elke installatie op zich. Met technische installaties worden voor een woongebouw de installaties bedoeld die instaan voor ruimteverwarming, warm tapwater, koeling en ventilatie. De eisen gelden enkel als u bij een renovatie een nieuwe installatie plaatst, of een installatie vernieuwt of vervangt. Installaties waaraan niet wordt geraakt, vallen niet onder de nieuwe regelgeving.

Er gelden eisen voor:
  • Verwarming
    • Ketels (gasvormige en vloeibare brandstof)
      De installatie heeft een minimaal rendement. Dat installatierendement wordt bepaald op basis van het ketelrendement en een aantal eigenschappen van de installatie zoals de gebruikte brandstof, de ontwerpretourtemperatuur, de isolatie van de leidingen, de regeling van de ketel en installatie …
    • Elektrische warmtepompen
      De installatie heeft een minimale seizoensprestatiefactor (SPF). De minimale SPF hangt af van het soort warmtepomp. De bepaling van de SPF gebeurt volgens de bestaande methodiek van de E-peilberekening voor nieuwbouw.
    • Direct elektrische verwarming
      De installatie heeft een maximaal elektrisch vermogen. Het totale afgiftevermogen bedraagt maximaal 15 W per m² bruikbare oppervlakte van het te renoveren gebouw of nieuwe gebouwdeel.
  • Sanitair warm water
    • Elektrische boilers en doorstromers
      De warmwaterproductietoestellen hebben een maximaal elektrisch vermogen. Het maximaal vermogen wordt bepaald in functie van de oppervlakte van het gebouw.
    • Circulatieleidingen (isolatieverplichting)
      Circulatieleidingen moeten verplicht worden geïsoleerd.
  • Koeling
    • IJswatersystemen
      De installatie heeft een minimaal installatierendement. Het minimale rendement hangt af van het soort koelmachine.  Het installatierendement van de installatie hangt af van de eigenschappen van de koelmachine, de isolatie van de leidingen en de regeling van de installatie.
  • Ventilatiesystemen:
    • Centraal ventilatiesysteem met mechanische toe- en afvoer (geen eisen voor andere systemen)
      Een nieuw geplaatst of vervangen centraal ventilatiesysteem dat voorziet in mechanische toevoer en afvoer moet voorzien zijn van een warmteterugwinapparaat. De installatie heeft een minimaal warmteterugwinrendement. Het rendement wordt berekend in functie van het testrendement van de warmteterugwinning en een aantal karakteristieken van de installatie zoals de luchtdichtheid en isolatie van de kanalen, regelingen ...
  • Verlichting (enkel voor niet-residentiële gebouwen)
    • Vaste verlichtingstoestellen (aan plafond, muur en vloer)
      Per ruimte geldt een maximaal equivalent specifiek geïnstalleerd vermogen. Dat maximaal vermogen is afhankelijk van het type ruimte. Bij het aftoetsen van de eis wordt het werkelijke geïnstalleerde specifiek vermogen gecorrigeerd in functie van aanwezigheidsdetectie, daglichtsturing en/of dimmen.
  • Verplichte energieverbruiksmeters voor grote installaties
    • Ketel
      • > 70 kW: brandstofmeter
      • > 400 kW: calorimeter
    • Warmtepompen
      • > 10 kW: meter voor het elektrisch verbruik
      • > 100 kW: meter voor de hoeveelheid nuttige energie
    • IJswater installatie
      • > 10 kW: meter voor het elektrisch verbruik
      • > 100 kW: meter voor de hoeveelheid koelenergie
Voor de installaties die niet vermeld zijn, gelden geen eisen.

Voorbeeld

Een bestaande woning wordt verbouwd. Het dakgebinte wordt vernieuwd, de ramen worden vervangen, de bestaande gevelmuur wordt aan de buitenzijde geïsoleerd, (een deel van) de draagvloer wordt vervangen en er wordt een nieuwe ketel geplaatst met vloerverwarming (ter vervanging van de oude radiatoren). Welke EPB-eisen zijn van toepassing als de stedenbouwkundige vergunning van het project wordt aangevraagd:
- voor 1 januari 2015: Er gelden isolatie-eisen voor het dak, de nieuwe vloer en de ramen. Daarnaast moet er ventilatietoevoer voorzien worden in de droge ruimten (leefruimte, bureau, slaapkamer, speelruimte…) waarvan de ramen vervangen worden.
- na 1 januari 2015: idem als hierboven + een minimale isolatiewaarde voor de nageïsoleerde muur + een minimale rendementseis voor de verwarmingsinstallatie.
 

Meer informatie

Voor meer informatie over de eisen die van toepassing zijn op jouw renovatie neem je best contact op met je architect en/of verslaggever. Als de EPB-eisen van toepassing zijn op de renovatie van je woning, dan ben je verplicht om een verslaggever aan te stellen voor de start van de werken. Deze verslaggever dient in uw naam een startverklaring en EPB-aangifte in.
 
Voor meer informatie, bezoek energiesparen.be

Folders over energie

Meer informatie op de website van deze bedrijven