De isolatiedokter: Basiseigenschappen van isolatie

Gewijzigd op 7/05/2014 door TiM Vanhove

Ons huis goed isoleren is een eerste vereiste om het energieverbruik van de woning naar beneden te halen en zo centjes te besparen. Tegelijk verminderen we zo met z’n allen de CO2-uitstoot, wat goed is voor ons milieu. Onze isolatiespecialist zet in deze rubriek de verschillende eigenschappen van isolatiematerialen op een rijtje. In dit artikel gaat hij dieper in op de warmteweerstand en de warmteopslag.

In je toekomstige of bestaand gebouw wil je gaan isoleren om in de winter de warmte binnen te houden en in de zomer de hitte zoveel mogelijk buiten te houden. De isolatie zorgt voor ons thermisch comfort. Je kan de isolatie beschouwen als een soort zeef waardoor warmte verloren gaat. Hoeveel warmte verloren gaat is afhankelijk van zijn eigenschappen.
Eén ding is duidelijk: hoe meer warmte je verliest, hoe meer je zult moeten stoken. Dit verhoogt dan jouw energiefactuur en zorgt voor meer vervuiling van ons leefmilieu. We sommen de belangrijkste eigenschappen van isolatie op.

Onze isolatiespecialisten

Isover
© Isover
Isoproc
© Isoproc
Isotec
© Isotec

Lambda waarde of warmtegeleidingscoëfficënt

Hoeveel warmte we verliezen door onze isolatie is afhankelijk van twee factoren: de dikte van de isolatie en hoe goed het materiaal de warmte tegenhoudt. Dit laatste noemen we de warmtegeleidingscoëfficiënt. Je vindt de coëfficiënt in technische informatie aangeduid onder de λ-waarde (lambda), uitgedrukt in W/mK (Watt per meter Kelvin). Dit getal geeft aan hoeveel warmte dat er bij een temperatuurverschil van 1 Kelvin stroomt door een isolatiestuk van 1 m dik. Hoe lager dit getal, hoe minder warmteverlies en dus hoe beter het materiaal isoleert. Van isolatiemateriaal wordt er gesproken als dit getal kleiner is dan 0.065 W/mK.

Warmteweerstand

Om nu de dikte van het materiaal in rekening te brengen werd het begrip warmteweerstand – de R-waarde – in leven geroepen. Deze R-waarde is de dikte in meter gedeeld door de warmtegeleidingscoëfficiënt. Die wordt uitgedrukt in m²K/W. Het is deze waarde die van belang is bij het bekijken of jouw isolatie-investering subsidieerbaar is of niet. Hoe groter de R-waarde, hoe beter de gekozen isolatie isoleert.

Je zal ook horen vertellen over de U-waarde. Dit is dan de totale warmtedoorgangscoëfficiënt van een wand. Je gaat hierbij alle R-waardes optellen en dan deel je 1 door deze som. Hoe kleiner de U-waarde, hoe beter de gehele wand isoleert. Deze U-waardes zijn opgenomen in de energieprestatieregelgeving. Momenteel geldt in Vlaanderen een maximale U-waarde voor een buitenwand van 0.4 W/m²K en in het dak 0.3 W/m²K.

Warmteopslagcapaciteit

Isolatiematerialen hebben ook de vaardigheid om warmte te bufferen in de massa van hun isolatie. Dit wordt uitgedrukt met de warmopslagcapaciteit c in Joule per kilogram Kelvin (J/kg K). De hoeveelheid warmte die kan worden opgeslagen, is afhankelijk van de structuur en dichtheid van het materiaal. Hoe zwaarder een materiaal, hoe langer het duurt om het op te warmen. En hoe groter deze opslapcapaciteit, hoe meer warmte dit materiaal kan bufferen.

Deze waarde is van minder belang tenzij in lichte constructies zoals daken en houtskeletbouw. Deze lichte wandelementen hebben zelf weinig bufferend vermogen tegen warmte van buitenaf. Om in de zomer onder het dak of in een houtskelet het hoofd koel te houden is het dan ook belangrijk bij de keuze van isolatiematerialen rekening te houden met deze eigenschap. 

Materiaal Dichtheid (kg/m3)

Warmtegeleidings
coëfficiënt
λ-waarde (W/mK)

Warmteopslag
capaciteit
c (J/kg K)
Calciumsilikaatschuim 115-300  0.045-0.065  1000
Cellenglas (schuimglas) 115-220  0.040-0.060  800-1100
Cellulose (Papiervlokken) 30-80  0.037-0.045  1700-2150
Fenolharsschuim 40  0.022-0.040  -
Hennep 20-68  0.040-0.050  1500-2200
Houtvezels 30-50  0.040-0.045  1600
  50-300  0.045-0.090  1600-2100
Houtwolcementplaten 350-600  0.090  2100
Kleikorrels, geëxpandeerd 300-500  0.085 – 0.110  1100
Kokosvezels 70-120  0.040-0.050  1300-1600
Kurk, geëxpandeerd 100-220  0.041-0.060  1700-2100
Minerale wol 20-200  0.032-0.045  600-1000
Polyethyleenschuim  50-110  0.033  -
Polystyreen, geëxpandeerd EPS  15-30  0.035-0.040  1500
Polystyreen, geëxtrudeerd XPS  25-45  0.030-0.040  1300-1700
Polyuretaanschuim  30-100  0.024-0.030  1400-1500
Resolschuim  35-40  0.021-0.023  -
Vakuum-isolatiepaneel  150-300  0.002-0.008  -
Vermiculiet, geëxpandeerd  70-160  0.046-0.070  800-1000
Vlas  20-80  0.037-0.045  1300-1640

 

Bronnen: Dämmstoffe, Detail Praxis, websites van verschillende leveranciers, Vibe

Auteur: Bruno Deraedt, ingenieur-architect - IADB – Ingenieurs & Architecten voor Duurzaam Bouwen - april 2010

Folders over isoleren

Meer informatie op de website van deze bedrijven